Auteur: Karen Vande wiele

Puur eten – verwenbrood

Een  mengeling  tussen cake en brood. Heel lekker als ontbijt of als vieruurtje. Smaakt bijzonder lekker in natuurvorm met confituur. Indien je extra’s toevoegt zoals chocolade of rozijnen dan kan je het gerust zo eten.

Ingrediënten voor 2 broden van ongeveer 350 gram

  • 80 gram zuurdesemvoordeeg
  • 6 gram gist
  • 545 gram bloem
  • 40-50 gram suiker
  • 3 eieren
  • 90 ml melk
  • 14 gram zout
  • 200 gram (geklaarde) boter op kamertemperatuur
  • optioneel: 2 handjes vol rozijnen of chocoladestukjes

Werkwijze

Maak het zuurdesemvoordeeg de dag voordien (hiervoor heb je 300 gram meel nodig – 225 ml water en 30 gram rijpe starter. je mengt alle ingrediënten tot alles goed vermengd is en laat dit een nacht rusten). De volgende dag is dit voordeeg klaar voor gebruik. Met de overschot kan je nog zuurdesembrood of pannenkoeken maken.

Je mengt vervolgens alle ingrediënten behalve het zout en de boter zo’n 5 tot 7 minuten (met de hand of met een kneder). Laat dit 20 minuten rusten. Voeg dan het zout toe en vermeng dit even. Doe er vervolgens de boter bij (doe dit in 2 tot 3 keer met tussentijds steeds kneden zodat de boter goed wordt opgenomen).  Voeg de optionele ingrediënten op het einde toe. Als alles goed gemengd is, dan laat je het deeg gedurende een uur fermenteren. Plaats het vervolgens een halfuurtje in de koelkast.

Haal het deeg uit de koelkast – verdeel in 2 porties en bol ze op. Leg het deeg in 2 ingevette of met bakpapier beklede bakblikken. Laat vervolgens nog een 2 tot 3 uur zeker rusten tot het volume verdubbeld is.

Bak de broden in een op 180 graden voorverwarmde oven gedurende een half uurtje. Prik even in de broden om de gaarheid te controleren.

Indien gewenst kan je de melk ook vervangen door plantaardige melk. De zuurdesem geeft het brood een unieke toets. Heb je geen starter en kan je dus geen voordeeg maken, dan kan je dit weglaten en dan in totaal zo’n 25 gram verse  of 12.5 gram gedroogde gist gebruiken.

Werken met klei – the making of keramiek

 

Het stond al zeer lang op mijn verlanglijstje om te doen: werken met klei. Ik hou enorm van alle natuurlijke materialen en klei is er natuurlijk eentje van. Vorig jaar heb ik eens een dagworkshop gedaan, en ik vond het zo zalig. Het was voor mij voor herhaling vatbaar. Het was dus zoeken naar het juiste moment en de juiste plek  om mij verder te kunnen verdiepen in het maken van keramiek.  Via een goede vriendin ben ik uiteindelijk in contact gekomen met Katrien. Zij is de bezielster van de Makerij. Vanaf de eerste dag dat ik binnenstapte in haar atelier kwam er een rust over mij. Ik kan daar lettterlijk alle stress van mij afgooien en mij volledig focussen op het werken met klei. Katrien is een bijzonder rustige dame met enorm veel creatieve kennis en ervaring. Ze staat open voor ieders ideeën en helpt je mee om je creaties tot een goed einde te brengen.

Wat ik zelf zo leuk vind is dat het zeer ‘hands-on’ is. Van dag één had ik meteen al een setje potjes gemaakt. Het geeft je werkelijk een heel fijn gevoel om direct resultaat te zien. Dat neemt niet weg dat keramiek nog steeds tot het ambachtelijke werk behoort. Katrien zegt steeds ‘haast en keramiek maken gaan niet samen’. Vlug vlug aan iets beginnen zal niet tot een goed resultaat leiden. Er bestaan diverse technieken die we allen bij Katrien kunnen leren en oefenen:  van werken in een mal, tot de techniek van ‘met worstjes klei’ iets opbouwen tot voor wie wil, draaien op de draaischijf.  Ook de afwerking kan zeer verschillend zijn. Alleen al de diverse soorten glazuren maken dat de variatie in afwerking zeer groot is.

 

Verder is de flexibiliteit en vrijheid die je hebt bijzonder fijn. Zo werkt ieder aan een eigen project en dit in zeer open, ontspannen sfeer met professionele begeleiding voor wie het nodig heeft.  Wil je een reeks volgen dan koop je eigenlijk een tien beurtenkaart. Kan je een weekje niet komen, dan houdt Katrien je beurt tegoed. Bijzonder handig.

Ondertussen heb ik reeds een een set potjes gemaakt en ook een aantal schalen met ‘Ortiga motief’. Het is mijn bedoeling om sommigen ervan aan te bieden in de webshop. Alle producten zijn handmade, eigen creaties en met 100% natuurlijke materialen. De schalen kunnen ondermeer gebruikt worden om de geurenmengelingen op te presenteren.

Naast schalen zijn we op dit moment bezig met het maken van pommanders. Dat zijn hangertjes met een geur in. Mijn bedoeling is om ze te gebruiken in de wagen, om zo synthetische geuren te vervangen door natuurlijke geuren. Volgende week weten we of het gelukt is. Want, zo vertelde Katrien, van begin tot einde van een creatie moet je steeds rekenen op zo’n 30% verlies. Heel erg benieuwd dus of we dit unieke stukje in onze webshop zullen kunnen aanbieden of niet.

Wie interesse heeft  om Katrien, haar werken en het atelier te leren kennen kan in december langsgaan tijdens de opendeur weekends :  8/9 december – 15/16 december – 22/23 december. Zeker de moeite waard.

 

Essentiële plantenstoffen – etherische oliën

Essentiële plantenstoffen – etherische oliën

Planten zijn essentieel voor ons leven. Ze leveren ons zuurstof, zijn een bron van voeding en vormen de basis van energie. Zonder planten hebben mens en zoogdier geen kans om te overleven. Maar zonder mensen en zoogdieren op aarde kunnen planten perfect verder. En toch wordt de mens nog steeds als het hoogste wezen gezien. Ik keer steeds meer op mijn stappen terug, en ben zeer nederig tegenover het plantenrijk.

In dit artikel willen we even stilstaan bij één van de belangrijkste inhoudsstoffen van planten: de etherische oliën. Het zijn stoffen die me bijzonder aanspreken en fascineren. Daarom dat ik me er nog extra in verdiep via een opleiding aromatherapie.

Etherische oliën en essentiële oliën zijn vluchtige, olieachtige bestanddelen van aromatische  planten met bijzonder waardevolle eigenschappen. In de eerste plaats voor de plant zelf.  Planten communiceren via geuren. De geurstoffen vormen hun woordenboek. De geurstoffen fungeren als lokmiddel om bijen, vlinders en nuttige insecten aan te trekken. Maar tevens als beschermiddel tegen belagers. Dankzij de verspreiding van bepaalde geuren doet de plant niet alleen aan zelfverdediging. Ze verwittigt op die manier ook buurplanten van gevaar zodat die op hun beurt alles in het werk kunnen zetten om hun verdedigingsmechanisme te activeren.  Zelfs als planten niet bloeien produceren ze geuren. Daar zal ongetwijfeld een zeer goede reden voor zijn. Het complexe arsenaal van plantenboodschappen is nog steeds een mysterie en er zal nog een lange weg moeten afgelegd worden om dit volledig te ontcijferen. En zelfs dan, sommige zaken in de natuur blijven nu eenmaal eigendom van de natuur. Maar goed ook.

De etherische oliën kunnen onze fysieke en mentale gezondheid ondersteunen. Verder zijn ze, voor zover kwaliteitsvol, 100% natuurlijk.  Ze zijn bijzonder krachtig en hebben een breed toepassingsgebied. Ze kunnen zowel therapeutisch ingezet worden als gebruikt worden in het dagelijkse leven om toe te voegen in geurensprays, aan poetsmiddelen of bij het maken van verzorgingsproducten. De grootindustrie heeft dit ook gemerkt. Als gek worden er vandaag de dag etherische oliën verkocht. Zelfs in grote warenhuizen.  Hierbij stellen wij ons echter vragen. Als een lavendelolie tegen belachelijk lage prijzen over de toonbank gaat, kan het dan nog een kwaliteitsvol product zijn?

Wat zijn de criteria van een kwaliteitsvolle olie? In de eerste plaats kan het etiket je al veel vertellen. Zo zal je zeker de Latijnse naam van de plant op het etiket moeten terugvinden. Kamille bijvoorbeeld onderscheid zich in 2 planten: Chamaemulum nobile of roomse kamille en Matricaria chamomila of echte kamille. Hun werking is deels verschillend.  Bovendien dient ook het gebruikte deel van de plant en plaats van herkomst vermeld te zijn. Het is immers zo dat van één plant meerdere delen kunnen gebruikt worden om etherische of essentiële olie uit te extraheren. En het toepassingsgebied kan hiervan ook verschillend zijn.

Bij sommige etherische oliën dient ook het chemotype  (ct) vermeld te staan. Het chemotype verwijst naar de groeiplaats van de plant. En verschillen hierin kunnen aanleiding geven tot andere eigenschappen van de etherische olie. Zo zal een rozemarijn met ct verbenon heel interessant zijn ter ondersteuning van de lever en ook de meest huidvriendelijke zijn van de rozemarijn oliën. Rozemarijn ct kamfer is dan weer meer spierontspannend. Het type cineol is dan weer het meest aangewezen voor de luchtwegen.  Tenslotte dient elk etiket van etherische en essentiële oliën de houdbaarheidsdatum te vermelden.

Naast de informatie over het etiket is ook het proces waarmee oliën gewonnen worden verschillend en dient op een correcte wijze te gebeuren. Citrusoliën worden via persing verkregen. Deze oliën worden essentiële oliën genoemd of essences. De chemische structuur is hetzelfde gebleven. Dat is echter niet geval wanneer de olie verkregen wordt door stoomdestillatie. Deze oliën worden dan etherische oliën genoemd. Het distilleren van etherische olie dient adequaat en correct te gebeuren. Daarom is distilleren ook een kunst op zich. Zo moet de druk en temperatuur correct zijn, maar dient de duurtijd ook lang genoeg te zijn. Vakspecialisten weten hoe lang het juist duurt om tot een volledig distillaat te komen. Als de distillatie vroegtijdig wordt stopgezet bekom je wel een hoger rendement maar een minder kwaliteitsvolle olie.

De kwaliteit van de olie wordt verder ook bepaald door de gezondheid van de plant en het moment van oogsten.

Al deze parameters rechtvaardigen een correcte prijs voor deze edele producten

 

Kortom een vermelding van ‘100% natuurlijk’ biedt geen absolute garantie. Ook het biolabel kan geen volledig uitsluitsel geven. Sommige oliën kunnen worden aangelegd met plantaardige olie of er kunnen zelfs synthetische bestanddelen aan toegevoegd zijn. In het eerste geval kom je enkel bedrogen uit, in het tweede geval kan je zelfs schade oplopen.

Absolute garantie bekom je door oliën met correcte informatie op het etiket én waarbij certificaten kunnen voorgelegd worden die de correctheid van het proces aantonen.

Wij werken met de oliën van Michel Vanhove die aan deze eisen voldoen. De etikettering is volledig en we kunnen de certificaten opvragen.

 

Naar gebruik toe zijn er ook een aantal richtlijnen die we dienen te respecteren. Etherische en essentiële oliën lossen niet op in water. Ze kunnen wel vermengd worden met plantaardige oliën, alcohol, zout en (plantaardige) melk. Deze 2 laatste grondstoffen laten een correct gebruik in bad toe. De eerste 2 grondstoffen laten het gebruik toe in natuurlijke verzorgingsproducten zoals massage olie, crèmes, zalven, haarproducten en parfum. Daarnaast kunnen de oliën ook via een vernevelaar verspreid worden in de lucht. We nemen de stoffen dan op via inademing. Dit is een zeer waardevolle manier om etherische oliën te gebruiken, vooral voor mentale ondersteuning.

Elke olie kent een breed toepassingsgebied. Voor dagdagelijks gebruik kan je je beroepen op de voornaamste toepassingsgebieden die per olie meegegeven worden. In het geval van specifieke zaken doe je best beroep op een aromatherapeut. Zo zal elke lavendel olie wel ontspannend werken maar al naargelang de soort zal de ene meer mentale ontspanning geven of eerder spierontspanning.

Op onze website vind je steeds een beknopt overzicht van de werking van elke olie. Voor meer info kan je uiteraard bij ons terecht via email. Want goed geïnformeerd zijn is van essentieel belang.

 

Werken met kastanje

Werken met kastanje

Ze zijn op vele plaatsen talrijk te rapen: de vruchten van de tamme kastanje.  Niet te verwarren met de vruchten  van de wilde kastanje want deze laatste zijn niet eetbaar. Hoe herken je ze? Vooral aan de bolster. De tamme kastanjes komen uit een stekelige bolster, die van de wilde kastanje uit een ietwat gladdere bolster. De wilde kastanjes kunnen wel gebruikt worden om te wassen. Ze bevatten immers saponinen.

Wij gaan om te kokerellen verder met de tamme kastanjes. Het eerste werkje is de vruchten ontdoen van de pel. Dat kan op diverse manieren. Allereerst maak je een kruis in de onderkant van de vrucht. Dan kan je ze of even (een vijftal minuten) in kokend water leggen. Of je legt ze in een oven van zo’n 200 graden gedurende 5-10 minuten. De schil en het velletje zullen makkelijk loskomen. Laat ze echter niet te lang afkoelen want anders gaat het verwijderen weer wat minder vlot.

De heerlijke tamme kastanje, bevat veel koolhydraten en relatief weinig vet. Dat maakt ze wel moeilijker te bewaren. Gemiddeld zo’n 3 weken met schil op een koele droge plaats. Maar erna beginnen ze rimpelen en worden ze dus slecht.  Omdat ik er graag over een aantal maanden ook nog aan de slag mee wil gaan in een workshop ‘ecodesserts maken’ ga ik er een deel opleggen in alcohol.

Inmaken met alcohol

Alcohol heeft conserverende eigenschappen, voor zover het percentage alcohol hoog genoeg is. Suiker en vocht in de in te maken producten kunnen het alcoholgehalte doen dalen. Je hebt toch zo’n 25% nodig om goed te kunnen bewaren. Ik start daarom van een alcohol met 40 graden. En de meest neutrale variant, als je zelf geen pure alcohol wenst aan te schaffen om te verdunnen, is wodka.

 

 

Wat heb je nodig?

  • 150 gram gepelde kastanjes
  • zo’n 500 ml alcohol van 40 graden (wodka)
  • 3 eetlepels gram ruwe rietsuiker
  • 2 vanillestokjes

Doe de gepelde kastanjes in een gesteriliseerde glazen bokaal. Overgiet ze met de alcohol. Voeg de suiker en de vanille stokjes toe. Plaats op een koele donkere plaats om te bewaren.

En voor wie niet wil wachten om de vruchten te consumeren of gebruiken kunnen volgende recepten misschien een inspiratiebron zijn.

Kastanjespread

Heerlijk op pannenkoeken, crackers of brood

Benodigdheden en werkwijze

  • 100 gram gepelde kastanjes
  • 40 ml plantaardige olie – ik heb zelf met koolzaadolie gewerkt omdat die redelijk neutraal is
  • 2 ontpitte dadels
  • 1 koffielepel tahin
  • 1 koffielepel zout
  • 1/2 theelepel citroensap of appelazijn.

Doe alle ingrediënten samen en mix tot een pasta. Indien niet smeuïg genoeg dan voeg je nog een beetje olie toe. Bewaren in de koelkast gedurende een week.

Kastanjedressing of -saus

Een smeuïge crèmeachtige dressing die heel goed tot zijn recht komt bij een herfstslaatje met bijvoorbeeld witloofblaadjes, rode biet, geglaceerde appeltjes en noten. Evt past er ook wel een stukje pittige kaas bij.  Voor de vleesliefhebbers kan je werken met reepjes kip of kalkoen

Benodigdheden en werkwijze

  • 100 gram gepelde  kastanjes
  • 100 ml  room of kokosmelk
  • 1 eetlepel citroensap
  • peper
  • 1 theelepel zout

Doe alle ingrediënten bij elkaar en mix tot een smeuïg geheel. Werk je met gewone room dan krijg je een zachte saus. Met kokosmelk krijg je een ietwat exotischer karakter. Qua kruiding houden we het sober om de smaken van kastanje optimaal te behouden.

Hetzelfde recept kan goed dienst doen als lekker sausje. Voor bij een stukje vlees of voor een heerlijke pasta met nog typische herfsttoppers: paddestoelen. Je maakt de saus volgens recept met gewone room of de kokosmelk. Eens klaar warm je het op. Je zal merken dat de room heel goed blendt met de kastanjes. Zoals reeds gezegd zijn deze laatste zeer koolhydraatrijk. Ideaal dus voor mooie egale sauzen en dressings te krijgen. En volledig glutenvrij wie daar moet of wil op letten.

Herfstsoep
  • 100 gram gepelde kastanjes
  • 1 ui
  • 1  stok prei
  • 1/4 stuk knolselder
  • 3 theelepels kruidenzout
  • peper
  • 3 eetlepels olijfolie
  • 2-3 liter water
Was en snijd de groenten.  Verwarm de olie en stoof de groenten kort. Voeg het water , het zout  en de kruiden toe. Doe er dan de kastanjes bij. Laat zachtjes koken gedurende 20 minuten tot alle groenten zacht zijn. Mix het geheel.
Uiteraard kan je knolselder ook vervangen door andere herfsttoppers zoals pastinaak of aardpeer.
Chocolademousse met krokante kastanjes
Een apart dessertje
Voor 4 potjes
  • 100 gram donkere chocolade
  • 4 eiwitten
  • 2 eierdooiers
  • 3 lepels ahornsiroop
  • scheutje room
  • snuifje zout
  • 50 gram gepelde kastanjes
  • arachideolie
  • 1/4 theelepel garam masala
  • 2 eetlepels ahornsiroop
Smelt de chocolade au bain marie. Eens gesmolten doe je er de room bij en meng goed door. Voeg er vervolgens de eierdooiers en de ahornsiroop aan toe. Klop de eiwitten stijf met een snuifje zout. Voeg de chocolade toe aan het eiwit en schep alles voorzichtig onder elkaar. Zet gedurende 2-3 uur in de koelkast
Hak de kastanjes grof. Meng de ahornsiroop met de garam masala. ‘Wentel’ er de kastanjes door. Bak ze vervolgens gedurende een paar minuten krokant op een  pan in een beetje arachideolie. Blijf voortdurend roeren om aanbakken te vermijden.
Verdeel de gearomatiseerde kastanjes over de potjes chocomousse ter garnering.

Plant in de kijker: Hysop (Hyssopus officinalis)

Hysop is een struikachtig plantje van zo’n 60 cm hoog dat deel uitmaakt van de familie van de lipbloemigen of muntfamilie.  Heel veel aromatische planten behoren tot deze familie zoals pepermunt, citroenmelisse, gember. Net zoals alle planten werken aromatische planten onstekingsremmend. Heel typisch voor deze planten is dat ze in staat zijn om spanningen op diverse plaatsen te verzachten. Zo werken ze ondersteunend voor spijsvertering, zenuwstelsel, vatenstelsel en luchtwegen.  Aromatische planten kennen hun toepassingen in zowel aroma- als fytotherapie en zijn uitstekend om tisanes van te maken.

Hysop oogt zeer mooi in de tuin dankzij de paars-blauwe bloemetjes. Al zijn er  ook varianten met witte en roze bloemen. De plant kan door imkers gebruikt worden als lokplant voor bijen. Verder is hysop interessant in de moestuin omdat slakken en koolwitjes er niet dol op zijn en zo op afstand blijven. De plant is inheems in  Zuid-Europa, in West-Azië en Marokko. Dankzij de Benedictijnen is de plant in de middeleeuwen in Midden Europa geraakt waar het toen een zeer gegeerd kruid was.

Blad en bloeiende toppen kunnen in de keuken gebruikt worden. Ze hebben een ietwat bittere-muntachtige smaak. Het kruid past bijvoorbeld  zeer goed in vleesgerechten , stoofpotjes of in soepen. Verder doet het dienst om diverse likeuren op smaak te brengen zoals Chartreuse.

Naar ondersteuning voor het lichaam is hysop bijzonder interessant voor de luchtwegen. Het bevordert het ophoesten en oplossen van slijmen. Het is verder ook hoeststillend en heeft onstekingsremmende eigenschappen op de longslijmvliezen. Hysop remt de zweetsecretie en werkt koortwerend. Aangezien hysop een aromatische plant is, werkt ze tevens ook verzachtend op zenuwstelsel en dankzij de aanwezige bitterstoffen is dit kruid ook spijsverteringsbevorderend. Een goede manier voor het nuttigen van het kruid is via een tisane in combinatie met aantal andere planten die een gelijkaardige werking hebben. Wij maken gebruik van hysop in de tisane ‘Verademing’.

Uitwendig vermindert de plant zwellingen en werkt hij ontsmettend en wondhelend.

Er kan ook etherische olie gewonnen  worden uit deze plant maar de opbrengt is zeer laag. Dat maakt de olie dan ook bijzonder prijzig. De parfumindustrie maakt er spaarzaam gebruik van. De geur is eerder zoet, kamferachtig met houtige ondertoon. Omwille van het hoge gehalte aan ketonen wordt de etherische olie van Hyssopus officinalis afgeraden, zeker voor inwendig gebruik. Een veiligere variant is hyssop decumbens.

Linzencakejes met appel-druiven chutney

 

Een gerechtje dat op diverse momenten van de dag kunnen gegeten worden: als lunch met een salade bij, als hartig tussendoortje of ’s avonds met warme groenten.

 

 

 

 

Voor 6 linzencakes

  • 350 gram gekookte (gele) linzen
  • 75 gram hazelnoten
  • 4-5 eetlepels olijfolie
  • 1 flinke koffielepel zout
  • 1/4 koffielepel kurkuma
  • 1 flinke koffielepel ortiga kruiden ‘pittig’

Vermaal eerst de hazelnoten fijn in een blender. Doe er vervolgens de gekookte en afgekoelde linzen bij en vermaal tot een smeuïg geheel. Voeg tenslotte de olijfolie en kruiden toe en meng alles tot een gladde pasta.

Doe de pasta in cakevormpjes of muffinvormpjes. Besprenkel de bovenkant met olijfolie omdat dit anders wat droog kan zijn. Bak ze in een voorverwarmde oven op 160-180 graden gedurende 15 tot 20 minuten.

Voor de chutney

  • 500 gram appelen
  • 200 gram blauwe druiven
  • 1 kleine ui
  • stukje gember van 2 cm
  • 75 ml  appelazijn
  • 25-50 ml water
  • 3 eetlepels ahornsiroop
  • 1 koffielepel zout
  • 2 koffielepels ortiga kruiden ‘garam masala’
  • 2 eetlepels olijfolie

Snijd de apppelen in stukjes. Snipper de ui fijn. Bak de ui samen met de geraspte gember in de olijfolie gedurende een paar minuten. Voeg de appelstukjes toe en bodempje water. Laat dit zo’n 3-5 minuten sudderen. Voeg vervolgens appelazijn, de kruiden, het zout en rest van het water toe. Laat alles op een zeer laag vuurtje sudderen gedurende 30 minuten. Voeg er tenslotte de druiven aan toe en laat nog zo’n 10 minuten sudderen tot het meeste vocht verdampt is en de vruchten zacht zijn. Doe de warme chutney in gesteriliseerde bokalen en zet omgekeerd.

Voor de linzencakes werk ik steeds met gele linzen (mung dhal). Deze zijn te koop in een Asiatische winkel. Maar je kan het gerust ook proberen met andere soorten linzen. Het voordeel van de gele linzen is dat je die niet vooraf hoeft te weken. Enkel koken gedurende 20 minuten.

Voor de chutney kan je gerust de druiven vervangen door pruimen of zelfs met gedroogde vruchten werken.

Werken met zomerfruit

Omdat alles in de natuur sterk voorop is, was het in juli al het moment om vlierbessen te oogsten. We hadden geen betere dag gekozen dan de warmste dag om hiermee aan de slag te gaan. Het plukken zelf nam toch al makkelijk anderhalf uur in beslag maar het resultaat was een mooie voorraad. Dan begon het ‘zen’ werkje. De rijpe bessen van de trossen halen. Uiteindelijk zijn we aan de slag gegaan en hebben we 3 toepassingen gemaakt met vlierbessen. Daarnaast hebben we nog wat rijpe bramen verwerkt ook, want die zijn ook al volop het moment.

Vlierbessen bevatten blauwzuur. Daarom is het niet verstandig om ze rauw te eten. Opstapeling van het blauwzuur kan ernstige gezondheidseffecten met zich meebrengen. Het blauwzuur verdwijnt als de bessen gekookt hebben. De waardevolle stoffen in de bessen blijven wel bewaard.

Dit jaar hebben we zowel de vliervbloesems als de bessen verwerkt. Het moge duidelijk zijn dat er beduidend meer werk kruipt in de verwerking van de bessen. Bovendien zijn de bloesems subtieler wat mij persoonlijk iets meer aanspreekt. Het is weer wachten tot volgend jaar om ze terug te zien.

Vlierbessensiroop

Benodigdheden voor 1 liter siroop

1200-1500 gram rijpe bessen

ruwe rietsuiker

Van de bessen maak je eerst sap. Wij hebben eerst geprobeerd in een centrifuge maar het was snel duidelijk dat de bessen er tussendoor glipten en we dus veel verlies zouden hebben. Vandaar we een hoge pot genomen hebben (type aspergekom) en hierin de bessen met de mixer tot pulp vermalen hebben. Dit geheel haal je door een zeef en dan de pulp nog eens door een neteldoek om het sap er uit te halen.

Je voegt dan de helft suiker toe van de totale hoeveelheid sap dat je hebt. Dus, heb je 1000 ml sap, dan voeg je 500 gram suiker toe. Dit geheel breng je aan de kook en laat je eventjes doorkoken. Vervolgens bottelen in steriele flesjes.

Tip: wil je de pulp niet weggooien dan kan je een klein beetje  verwerken in koekjes of cakejes. Wij dachten om de al de pulp bij de confituur te doen, maar dat was geen goed idee. Je hebt echt veel te veel pittensmaak. Maar als je in kleine hoeveelheden werkt dan stoort het niet. Aangezien de pulp niet gekookt is, kan ze niet in koude toepassingen gebruikt worden omwille van het blauwzuur. Verwarm je de pulp eerst nog even met een scheutje water en laat je dit ook nog even doorkoken. Dan kan je het na afkoelen ook nog gebruiken als basis voor likeur, azijn om evt als smaakmaker te gebruiken in Kombucha (bij een tweede fermentatie). Allemaal leuke tips die ik zelf meegekregen heb en ik dus ook graag met iedereen deel.

Deze siroop is een aantal maanden houdbaar op een koele plaats.

Confituur van vlierbessen en vijgen

Voor ongeveer 1 kg

400 gram vlierbessen

600 gram vijgen

sap van 2 citroenen

500 gram ruwe rietsuiker

specerijen: kaneelpijpje, steranijs

zakje agar agar

Snijd de vijgen in stukken. Voeg het fruit samen met het citroensap, de suiker en de specerijen in een kookpot en laat zachtjes aan de kook komen. Doe er dan de agar agar bij. Laat zo’n 10 tot 15 minuten zachtjes sudderen.  Verdeel over steriele potten.

 

Vlierbessen op honing

Vlier laat zich bijzonder goed fermenteren. Dat hebben we al gemerkt met de vlierbloesemsiroop, die na verloop van tijd een plofje deed bij het openen van de fles. Maar dat geldt ook voor de bessen.

Vul een glazen pot tot de helft met vlierbessen. Overgiet het geheel met honing zodat alles goed onderstaat. Laat dit geheel staan op een warme plek waardoor het gaat ‘fermenteren’. Elke dag lucht je de pot even (haal je deksel er even af) en vermeng je alles nog eens goed. Je zal zien dat al heel snel de bessen wat naar boven komen. Weerom eens goed door elkaar roeren zodat honing en bessen goed vermengd zijn. Laat dit zo’n 4 – 6 weken verder trekken.

Gebruik: als zoetmaker toevoegen aan het beslag van gebak. Of filter het geheel na 4-6 weken en breng het gefilterd deel aan de kook gedurende een tiental minuten. Dit is een alternatief op de klassieke siroop.

Gebruik deze honing nooit rauw!

Bramenmosterd

(inspiratie boek: Uit de natuur – Anne Rogge)

Voor 2 kleine potjes

400 gram bramen

30 ml balsamicoazijn

80 g ruwe rietsuiker

1/2 sjalot

2 eetlepels mosterdzaad

zout en peper

Maak de bramen schoon en pureer ze met een staafmixer in een hoge pot (idem zoals bij de vlierbessen). Snijd de sjalot fijn. Stamp het mosterdzaad fijn in een vijzel. Doe alle ingrediënten samen in een kookpot, breng aan de kook en laat gedurende 5-10 minuten zachtjes pruttelen. Hierna overbrengen in steriele bokaaltjes.

Lekker bij kaas, maar evengoed bij een slaatje met kip of bij linzencakejes.

Tip: voeg er evt nog wat gember aan toe voor een extra pittige toets.  Hou je niet van balsamicoazijn, dan kan je gerust eens proberen met appelazijn.

 

 

Plant in de kijker: Canadese guldenroede (Solidago canadensis)

 

De naam ‘guldenroede’ verwijst naar de kaarsrechte stengel die doet denken aan een roede met goudgele bloemen, vandaar ‘gulden’. De Latijnse benaming ‘Solidago’ verwijst naar ‘solidare agare’ wat zoveel betekent als gezond maken, helen.  De normale bloeitijd voor deze plant is augustus-september. Net zoals vele anderen is ze dit jaar voor op haar bloeitijd. Hij stond immers al welig in bloei in juli.  Mijn oog viel er voor het eerst op tijdens de wildpluksessie in juli waar hij ook pronkte in Lieve haar toekomstige tuin. Ondertussen heb ik hem ook bij ons gespot. 

Hij groeit vooral op ruige stukken grond, langs boskanten of waterkanten. Hij komt tegenwoordig bijzonder veel voor en is best wel een woekeraar te noemen. Dit in tegenstelling tot de echte Guldenroede, die in het wild eerder zeldzaam is geworden.

In tuinen vind je deze plant ook vaak terug, hij is immers ook een bijzonder goede bijenplant. Door zijn invasief karakter is het wel raadzaam om hem goed op te volgen, anders overwoekert hij in een mum van tijd andere planten.

Naar ondersteunende werking is het zo dat er heel veel soorten uit de  Solidago familie bestaan die min of meer helende eigenschappen vertonen. Vroeger vond je guldenroede terug in zowat alle wondkruidmengels ter verlichting van tandpijn, keelpijn en ter verzorging van wonden. De Indianen in Noord Amerika gebruikten de Canadese soort vooral om keelpijn te verzachten. In Europa ontdekte men in de 13e eeuw dat  de echte guldenroede bijzonder helende eigenschappen heeft op vlak van de nieren.Vandaag is de plant nog steeds ingeburgerd in de volksgeneeskunde als tonicum voor de nieren maar evenzeer inzetbaar bij vochtophopingen, als reiniger, ter verzachting van keelpijn of ter verzorging van wonden. Een bijzonder veelzijdige plant. 

 

Wat mij is bijgebleven op de wildpluk is dat je van deze plant een ‘zijdezachte olie’ kan maken om je huid mee in te strijken. We namen graag de proef op de som en hebben dus een maceraat gemaakt van de bloem op amandelolie die we vier weken hebben laten trekken. Wetende dat de plant wondhelend werkt zullen we hiervan ook nuttig gebruik maken om een zalf mee te maken.